Politiek

Kinderarts Nico van der Lely: ‘Elk jaar sterven er zes kinderen door alcohol’

Aan een dronken puber zie je weinig tot niks. Niks zwalken of onvast op de benen, ze lopen nog prima in een rechte lijn. Maar dan ineens: báf. Nog voor ze zich zelfs maar aangeschoten voelen, gaan ze out. De hartslag daalt, de ademhaling wordt oppervlakkig, de lichaamstemperatuur zakt. Soms stuipen ze nog even heftig, voor ze wegzakken in een coma die gemiddeld 3,5 uur duurt maar net zo makkelijk een etmaal kan aanhouden. Je hoeft geen dokter te zijn om te begrijpen dat zo’n alcoholvergiftiging – want dat is het – levensgevaarlijk is.

Nico van der Lely (54) is wel dokter. Hij is kinderarts en bekend als ‘Mister alcohol’. Op zijn initiatief werd de leeftijdsgrens voor drank verhoogd van 16 naar 18 jaar. Hij richtte in 2006 de alcoholpoli op in het Reinier de Graaf ziekenhuis in Delft, waar hij werkt, en breidde vervolgens zijn aanpak uit naar twaalf andere ziekenhuizen in regio’s waar bovengemiddeld vaak comateuze tieners werden binnengebracht. West-Friesland, Oost-Brabant, de Achterhoek. Hij kan ook uitleggen hoe het kan dat motoriek en coördinatie bij een dronken puber redelijk normaal blijven. „Veel verbindingen in hun hersenen zijn nog niet aangelegd.” Hij draait zijn hand in de rondte. De beweging komt niet uit de schouder, niet uit de elleboog, maar uit de pols. „Kinderen onder de 13 kunnen dat nog niet.” Wat hij wil zeggen is: het effect van alcohol op een onrijp kinderbrein is anders.

Op elke alcoholpoli geldt hetzelfde protocol. Stap 1: het kind stabiliseren. „Ademhaling reguleren, infuus met vocht erin om de bloeddruk op peil te houden. Niet lullen, maar vullen.” De maag wordt niet leeggepompt? „Dat doen we nooit. De alcohol zit toch al in het bloed. De lever moet zelf het werk doen.” Is het kind bij, dan volgt stap 2. Van der Lely laat een vals lachje zien. „In the golden hour, net na ontwaking uit de coma en de eerste ‘shit-waar-ben-ik gedachte’, zagen we ze door waarom, hoeveel en wat ze hebben gedronken.” Stap 3 is: de ouders informeren over het effect van alcohol op hun kind. Na zes weken volgt een terugkomafspraak op de poli. „En dan komen ze hoor. Alle-maal.”

De rekening

Stadscafé Barbaar

Sint Agathaplein 4, Delft

1 grote jus d’orange

4,80

1 kleine jus d’orange

3,30

2 Barbaar-salade

19,00

2 cappuccino

5,20

Totaal

32, 30 euro

We drinken jus d’orange en eten een salade op een terras dicht bij het ziekenhuis. Nico van der Lely praat sneller dan ik hem kan verstaan, en dan houdt hij zich naar eigen zeggen nóg in. Ter introductie vertelt hij over zijn studietijd in diverse steden in een tempo waarin hij ongetwijfeld ook studeerde. Zo snel mogelijk wil hij naar het ene onderwerp waar hij „winteravonden” mee kan vullen: de schadelijkheid van alcohol op het onvolgroeide puberbrein. Net zo’n onaf brein als hij had toen hij zich, voor de lol en omdat hij „werkelijk geen idee” had, inschreef voor de studie medicijnen. Net als zijn oudste én een-na-oudste broer. (Zijn tweelingzus koos voor rechten). Hij werd geen gynaecoloog (wat hij van plan was) maar kinderarts („alles wat groeit en bloeit, binnen of buiten de buik, vind ik interessant”). Hij deed 24-uursdiensten als kinderintensivist, promoveerde naast zijn fulltimebaan, breidde een kinderafdeling uit in Delft en „voor ik het wist” was hij drie kinderen en negen jaar verder. Zo. En nu even op adem komen.

Brullende dokter

Dat brengt hem bij zijn driebierviltjesmethode voor een uitgebalanceerd bestaan. „Je leven moet zo ingericht zijn dat het op drie viltjes te noteren valt. Op het eerste staat je privéleven, op het tweede je loopbaan. Zijn die beschreven, dan is er ruimte voor maatschappelijk engagement.” Hij wist wat er op het derde bierviltje moest komen toen hij in 1999 één kind met alcoholvergiftiging binnenkreeg, het jaar erop twee, toen drie. „Wat eerst een bizarre uitzondering was, veranderde in veel, vaker en steeds jonger. Er werden andere dranken gedronken, op vreemde plaatsen, in enorme hoeveelheden.” De gemiddelde patiënt was 13,8 met een alcoholpromillage van 2,2. Een meisje van 13 van 48 kilo moet daar ongeveer acht glazen voor drinken. Als ze het al volhoudt, want bij een promillage van 1,8 (ongeveer 5 glazen) kan ze ook al bewusteloos raken. „Zo jong zo veel drinken heeft niks met verslaving te maken. Niks met genot of gulzigheid. Het is ook geen individueel probleem van het kind.” Het is, zegt hij, een maatschappelijk probleem.

Hockeyloverz en de Sneekweek zijn onze hofleveranciers

Een dokter kan nog zo hard brullen, zegt Van der Lely, „maar doet hij dat binnen de muren van het ziekenhuis, dan verandert er niks.” Hij moest iets doen aan laconieke ouders, toegeeflijke leraren en onwetende overheden. Ten strijde tegen producenten met hun speciaal voor kinderen bedachte drankjes en hun op dringerige drankreclames. „Ik had kennis nodig om als een manager te leren denken.” Hij volgde een spoedcursus speciaal voor dokters aan de prestigieuze businessschool Insead en daar vertelt hij nu in superlatieven over. „De blue ocean strategy die daar is ontwikkeld. Machtig interessant.”

Volgens die strategie moeten bedrijven niet tot bloedens toe concurreren in dezelfde markt (de rode oceaan), maar nieuwe, onontgonnen terreinen verkennen. Niemand had zich ooit druk gemaakt over alcoholmisbruik onder kinderen, de „alcoholbusiness” werd Van der Lely’s terrein. „Ik heb geleerd dat je alleen kunt overtuigen als je komt met feiten, cijfers, data.” Nu melden 1.400 kinderartsen alle alcoholintoxicaties bij hem. Van vrijwel elke dronken puber die wordt opgenomen weet hij wát er is gedronken, hoeveel en hoe hij eraan is gekomen. Hij weet hun afkomst, hun schoolniveau, en tot op de postcode waar ze wonen. „Tutti.”

Lees ook: Waarom is drank zo lekker? En nog 33 vragen over alcohol