Economie

‘Vaders voegen iets unieks toe aan de opvoeding’

Twee dagen? Toen Joris Toonders als oprichter en directeur van internetmarketingbureau Yonego er zo’n twee jaar geleden bij stilstond hoe „belachelijk kort” een van zijn medewerkers wettelijk vrij hoorde te krijgen als hij vader werd, besloot hij eigenhandig om hem vier weken bij zijn gezin te laten zijn. Sindsdien hebben „zo’n vier of vijf” mensen van het negentigkoppige bedrijf uit Breda een maand betaald babyverlof gehad. Natuurlijk kost dat geld, zegt Toonders, maar hij krijgt er blij personeel voor terug.

De 29-jarige Toonders, zelf nog geen vader, vindt het „hartstikke goed” dat in het regeerakkoord het partnerverlof is verlengd naar vijf dagen per 2019, met de optie per 2020 om nog eens vijf weken op te nemen voor 70 procent van het salaris. „Maar los van wat Den Haag besluit, kun je als bedrijf natuurlijk meer doen. Bijvoorbeeld door het nu direct al in te voeren.”

Naast Yonego hebben meer bedrijven op eigen initiatief betaald partnerverlof ingevoerd – wat ook geldt voor bijvoorbeeld de niet-biologische moeder in een lesbisch stel dat een kind krijgt. Bij ING Bank krijgen partners vanaf 2018 vier weken betaald babyverlof. Advocatenkantoor Stibbe en accountantskantoor PwC betalen al tien dagen door. Mastercard Nederland geeft acht weken vrij.

Vaders blijven anders de assistent van de moeders.

Dat het verlengde partnerverlof nu ook is opgenomen in het regeerakkoord is „een mooie stap voorwaarts”, vindt Renske Keizer, hoogleraar vaderschap aan de Universiteit van Amsterdam (Uva) en universitair hoofddocent familiesociologie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. „Ik ben verheugd. Als de regering ziet dat mannen straks massaal vijf weken verlof opnemen, volgt hopelijk meer beleid.”

Zo zou Keizer graag zien dat het partnerverlof ook na de eerste vijf dagen volledig betaald blijft. Ze vermoedt dat gezinnen met een laag tot modaal inkomen er anders minder intensief gebruik van gaan maken. „Terwijl dat juist de vaders zijn die extra stimulans kunnen gebruiken om ook te zorgen. Maar 30 procent minder salaris is niet niks als je al weinig hebt.”

Meer onderzoek is nodig, maar volgens de hoogleraar zijn er aanwijzingen dat kinderen er profijt van hebben als ze ook ‘solozorg’ van hun vader krijgen. Keizer: „Daarom is het goed als vaders een aaneengesloten blok verlof nemen en intensief voor hun kind zorgen. Anders blijven ze de assistent van de moeder.”

Louis Tavecchio, emeritus hoogleraar pedagogiek aan de UvA, wil geen mopperkont zijn, maar internationaal gezien is het verruimde Nederlandse partnerverlof nog altijd karig: „Het is nog altijd slechts de helft van wat de Europese Unie nastreeft.” Hij vindt dat de rol van vaders in de opvoeding niet langer ondergeschikt moet worden gemaakt aan de economische belangen van hun werkgevers. „Vaders hebben iets unieks toe te voegen aan de opvoeding”, zegt hij. „En dat lukt beter als de vader in de eerste levensfase veel tijd met zijn kind doorbrengt.”

Foto Bram Petraeus